Wat zijn de kosten?
Wat zijn de kosten?
Tolk via Raad voor Rechtsbijstand: wanneer de Raad de tolk betaalt
De cliënt die net is aangehouden en geen Nederlands spreekt, de asielzoeker die zijn vluchtverhaal moet voorbereiden, de ouder in een procedure over de kinderen: voor veel advocaten is een gesprek met een tolk dagelijkse praktijk. Een tolk via Raad voor Rechtsbijstand is een tolk die u als advocaat voor zo’n cliënt inzet, terwijl de Raad de kosten draagt. Toch roept de regeling telkens dezelfde vragen op. In welke zaken betaalt de Raad, welke tolk mag u inzetten, en hoe declareert u de kosten?
Wanneer betaalt de Raad voor Rechtsbijstand een tolk?
De Raad voor Rechtsbijstand betaalt een tolk wanneer u als advocaat of mediator een cliënt bijstaat op basis van een toevoeging of in een piketzaak, en u bij de Raad bent ingeschreven. Dat staat in de veelgestelde vragen over tolkdiensten van de Raad. Uw cliënt betaalt voor die tolk niets, ook geen eigen bijdrage bovenop de toevoeging.
De regeling geldt in alle rechtsgebieden. In de praktijk gaat het vooral om strafzaken, piketdiensten, asielzaken en andere vreemdelingenzaken, omdat daar veel cliënten de Nederlandse taal nog niet beheersen. Een maximum aantal tolkuren noemt de Raad niet, en de tolkkosten worden ook niet verrekend met uw vergoeding voor de toevoeging.
Tolk via Raad voor Rechtsbijstand: welke routes zijn er?
Voor een tolk via de Raad voor Rechtsbijstand zijn er twee routes. De Raad heeft de bemiddeling van gesubsidieerde tolken ondergebracht bij twee gecontracteerde tolkbureaus, één voor de noordelijke en één voor de zuidelijke provincies. Daarnaast kunt u in straf- en piketzaken zelf een beëdigde tolk inschakelen en de kosten bij de Raad declareren.
|
Via het gecontracteerde bureau |
Eigen beëdigde tolk (artikel 26 Bvr) |
|
|
Welke zaken |
Alle rechtsgebieden, met een toevoeging of piket |
Straf- en piketzaken |
|
Wie kiest de tolk |
Het bureau in uw regio |
U als advocaat |
|
Eis aan de tolk |
In de regel een tolk uit het Rbtv; bij nood een tolk van een uitwijklijst |
Ingeschreven in het Rbtv, met uitzonderingen |
|
Hoe betaald |
De Raad betaalt het bureau rechtstreeks |
U declareert bij de Raad, met de originele tolkennota |
De tweede route is minder bekend, maar juist nuttig als u met een vaste tolk wilt werken, als het bureau op korte termijn geen tolk in de gevraagde taal heeft, of als u een tolk zoekt die gespecialiseerd is in het strafrecht. U bepaalt dan zelf wie er naast uw cliënt zit.
Welke eisen gelden voor de tolk bij een declaratie?
De Raad vergoedt de tolk in straf- en piketzaken als de tolk een inschrijving heeft in het Register beëdigde tolken en vertalers (Rbtv). Zo staat het in de Kenniswijzer van de Raad bij artikel 26 van het Besluit vergoedingen rechtsbijstand (Bvr). Het Rbtv wordt beheerd door Bureau Wbtv, dat zelf onderdeel is van de Raad voor Rechtsbijstand.
Een niet-beëdigde tolk vergoedt de Raad alleen bij uitzondering. Dat kan bij een spoedeisende zaak waarvoor zich geen beëdigde tolk aandient, of als voor de betreffende talencombinatie niemand in het register staat. U motiveert dat dan bij uw declaratie. Voor de gangbare talen is een Rbtv-tolk daarom de veilige keuze: u voorkomt discussie achteraf en u weet dat de tolk de gedragsregels van het register volgt.
Hoe declareert u de tolkkosten bij de Raad?
De tolkkosten in een straf- of piketzaak declareert u bij de Raad voor Rechtsbijstand, samen met de originele nota van de tolk. Een praktische volgorde is deze:
- Controleer de zaak. Gaat het om een strafzaak of piketmelding waarin u op basis van een toevoeging of piket optreedt?
- Kies een tolk uit het Rbtv. Wijkt u uit naar een niet-beëdigde tolk, noteer dan meteen waarom.
- Vraag de tolk om een nota. Laat de datum, de duur van het gesprek en de reiskosten apart vermelden.
- Voeg de originele nota bij uw declaratie. De Raad stelt de vergoeding vast volgens de eigen werkinstructie.
De Raad hanteert voor de tolk een vast uurtarief en een vaste kilometervergoeding. Kiest u een tolk buiten het gecontracteerde bureau, bespreek dan vooraf met de tolk hoe de nota wordt opgesteld, zodat u niet met een verschil blijft zitten.
Waarom heeft uw cliënt recht op een tolk bij het gesprek met u?
Uw cliënt kan ook bij het gesprek met u aanspraak maken op een tolk als hij als verdachte te weinig Nederlands spreekt. Het Wetboek van Strafvordering regelt dat in artikel 28, en legt het oproepen van die tolk uitdrukkelijk bij de advocaat. Anders dan bij het politieverhoor, waar de politie de tolk regelt, ligt het initiatief hier dus bij u.
Het vertrouwelijke gesprek tussen advocaat en cliënt is de basis van de verdediging. Uw cliënt moet zijn hele verhaal kwijt kunnen, ook de delen die hij liever niet vertelt, en u moet zeker weten dat uw advies precies zo aankomt als u het bedoelt. Een tolk die de termen van het strafrecht kent, vertaalt “voorlopige hechtenis” of “zwijgrecht” niet als een algemene omschrijving, maar zo dat uw cliënt begrijpt wat het voor hem betekent.
En als uw cliënt geen toevoeging heeft?
Heeft uw cliënt geen toevoeging, dan betaalt de Raad voor Rechtsbijstand de tolk niet. De cliënt of het kantoor draagt dan zelf de kosten van een tolk, wat vooral voorkomt bij cliënten met een inkomen boven de grens voor gesubsidieerde rechtsbijstand, en bij zakelijke cliënten. Een tolk inschakelen blijft dan net zo belangrijk; alleen de rekening komt ergens anders terecht, en SIGV Coöperatie maakt daarvoor een offerte op maat.
In civiele en bestuursrechtelijke procedures ligt de verantwoordelijkheid voor de tolk bij de partijen zelf. Een partij moet daar volgens de Rechtspraak zelf de tolk op de zitting regelen en betalen, met de kanttekening dat iemand met een laag inkomen en weinig vermogen via de gesubsidieerde rechtsbijstand ook een tegemoetkoming in de tolkkosten kan krijgen. In strafzaken ligt het anders: daar roept het Openbaar Ministerie de tolk voor de zitting op en betaalt de overheid.
Gerechtstolken voor de advocatuur
Een advocaat heeft weinig aan een tolk die eerst moet wennen aan de sfeer van een politiecel of de taal van een dagvaarding. Sinds de oprichting in 2013 door de Vereniging van SIGV-Gerechtstolken en Juridisch Vertalers draait SIGV Coöperatie om tolkwerk voor de rechtspraak, en daar voelen onze tolken zich het meest thuis. Onze tolken staan in het Rbtv en zijn gewend aan gesprekken tussen advocaat en cliënt, in de spreekkamer van een huis van bewaring net zo goed als op kantoor.
Bij SIGV Coöperatie werkt u rechtstreeks met de tolk zelf. Wie bij ons een tolk inhuurt, betaalt voor het tolkwerk en niet voor een tussenlaag, want de coöperatie is van de tolken zelf en heeft geen winstoogmerk. Voor een advocaat die tolkkosten bij de Raad declareert, betekent dat ook één aanspreekpunt en één heldere nota.
Naast het gesprek zelf komt er vaak ook schriftelijk werk bij: een vonnis dat uw cliënt in zijn eigen taal wil lezen, of een buitenlands stuk dat bij de processtukken hoort. Als vertaalbureau laten wij zulke stukken beëdigd vertalen door juridisch vertalers.
Advocaten spreken een cliënt zelden maar één keer, en een Rbtv-tolk kan net zo goed voor één consult als voor een hele zaak worden ingezet. Neem contact met ons op om de tolk af te stemmen op de taal van uw cliënt en het soort zaak.