Wat zijn de kosten?
Wat zijn de kosten?
Talen van West-Europa: welke talen er gesproken worden en hoe ze samenhangen
Welke talen horen eigenlijk bij West-Europa? De talen van West-Europa zijn de talen die van oudsher tussen de Atlantische kust en ruwweg de Duitse oostgrens klinken. Ze lopen van het Portugees en het Spaans in het zuidwesten tot het Engels, Nederlands en Duits in het noorden. Op deze pagina ziet u hoe die talen samenhangen, welke officieel zijn, welke plek kleinere talen als het Fries en het Baskisch innemen, en waarom dat uitmaakt als u iets wilt laten vertalen of tolken.
Talen van West-Europa: welke landen rekenen we mee?
West-Europa heeft geen vaste grens; de indeling hangt af van wie hem maakt. De statistische indeling van de Verenigde Naties telt alleen de Benelux, Frankrijk, Duitsland, Oostenrijk, Zwitserland, Liechtenstein en Monaco tot West-Europa. Spanje, Portugal, Italië en Malta vallen daar onder Zuid-Europa, en Ierland en het Verenigd Koninkrijk onder Noord-Europa.
In het dagelijks spraakgebruik is West-Europa ruimer. Wie in Nederland over West-Europa praat, bedoelt meestal ook het Iberisch schiereiland, Italië en de Britse eilanden. Op deze pagina houden wij die ruime betekenis aan, omdat de talen van die landen historisch en taalkundig nauw met elkaar verweven zijn.
Taalfamilies in West-Europa: Romaans, Germaans en Keltisch
De meeste talen van West-Europa horen bij drie takken van de Indo-Europese taalfamilie: de Romaanse, de Germaanse en de Keltische talen. Romaanse talen stammen af van het Latijn, Germaanse talen van een gemeenschappelijke Germaanse voorloper, en de Keltische talen zijn wat er over is van talen die ooit in grote delen van Europa werden gesproken. Twee talen passen in geen van die groepen: het Baskisch en het Maltees.
|
Groep |
Talen (voorbeelden) |
Waar vooral gesproken |
|
Romaans |
Frans, Spaans, Portugees, Italiaans, Catalaans, Galicisch, Occitaans, Reto-Romaans |
Frankrijk, Iberisch schiereiland, Italië, delen van België en Zwitserland, Andorra |
|
Germaans (West-Germaans) |
Nederlands, Duits, Engels, Fries, Luxemburgs |
Benelux, Duitsland, Oostenrijk, Zwitserland, Britse eilanden |
|
Keltisch |
Iers, Schots-Gaelisch, Welsh, Bretons |
Ierland, Schotland, Wales, Bretagne |
|
Geen verwanten |
Baskisch |
Baskenland in Spanje en Frankrijk |
|
Semitisch |
Maltees |
Malta |
Het Maltees is een bijzonder geval. Het is ontstaan uit het Arabisch, maar wordt in het Latijnse alfabet geschreven en heeft veel woorden uit het Italiaans en het Engels opgenomen. Het Baskisch is nog eigenzinniger: taalkundigen hebben er nooit een verwante taal voor gevonden, en het heeft de komst van het Latijn en de Romaanse talen eromheen overleefd.
Welke talen zijn officieel, en welke niet?
Een officiële taal is een taal die een staat of regio wettelijk gebruikt voor bestuur, rechtspraak en onderwijs. De Europese Unie heeft volgens haar eigen overzicht 24 officiële talen, waaronder Nederlands, Frans, Duits, Spaans, Portugees, Italiaans, Iers en Maltees. Talen die alleen in een deel van een land officieel zijn, zoals het Catalaans of het Baskisch in Spanje, staan niet in die lijst.
Veel West-Europese landen hebben meer dan één officiële taal. België heeft er drie, Nederlands, Frans en Duits, elk met een eigen taalgebied, en dat heeft grote gevolgen voor hoe instanties daar werken. Wie met de talen van België te maken krijgt, merkt al snel dat de keuze voor een taal ook een politieke lading kan hebben.
Zwitserland kent vier nationale talen: Duits, Frans, Italiaans en Reto-Romaans. Het Zwitsers-Duits dat mensen er spreken, verschilt sterk van het Duits zoals het geschreven wordt. Voor vertalingen in het Duits voor een Zwitserse lezer is het goed om dat vooraf te melden, zodat de vertaler rekening houdt met Zwitserse spelling en woordkeus.
Luxemburg is een verhaal apart. Het land gebruikt Luxemburgs, Frans en Duits naast elkaar, elk in een eigen domein, en het Luxemburgs is sinds 1984 wettelijk de nationale taal. Wie zich afvraagt welke taal ze in Luxemburg spreken, krijgt dus zelden één antwoord: het hangt af van of u in de winkel staat, in de rechtszaal of op school.
Minderheidstalen: kleiner, maar niet minder belangrijk
Minderheidstalen zijn talen die in een land door een deel van de bevolking worden gesproken, naast de staatstaal. In Nederland is dat het Fries, dat in de provincie Friesland een officiële status heeft. Een Friese tekst voor de provincie, een gemeente of een Friese uitgever vraagt dus een vertaler die Fries echt schrijft, en niet iemand die het ‘wel kan volgen’. Bij vertalen van Nederlands naar Fries gelden eigen spellingsregels en een eigen stijl.
Het Catalaans is officieel in Catalonië, op de Balearen en in Valencia, en daarnaast de enige officiële taal van Andorra. Sprekers zijn trots op hun taal, en een document van een Catalaanse instantie komt vaak alleen in het Catalaans. Een vertaalbureau Catalaans laat zulke stukken vertalen door een vertaler die het verschil kent tussen Catalaans en Spaans. Het verwante Occitaans in Zuid-Frankrijk heeft zo’n officiële status in Frankrijk niet en wordt veel minder gesproken.
Het Baskisch is de taal van Baskenland, aan beide kanten van de Spaans-Franse grens. Omdat het geen verwanten heeft, kan niemand het afleiden uit Spaans of Frans. Een vertaling naar of uit het Baskisch is daardoor echt specialistenwerk, ook voor iemand die beide buurtalen vloeiend spreekt.
De Keltische talen hebben elk een eigen positie. Het Iers is een officiële taal van Ierland en van de Europese Unie, al spreken de meeste Ieren in het dagelijks leven Engels. Het Welsh wordt in Wales volop gebruikt in onderwijs en bestuur, het Schots-Gaelisch in delen van Schotland, en het Bretons in Bretagne, waar het geen officiële status heeft. Wie met de talen van Ierland of Wales te maken heeft, merkt dat de keuze voor de eigen taal vaak ook een statement is.
Wat betekent die taalrijkdom voor vertalen en tolken?
De taalrijkdom van West-Europa betekent vooral dat ‘de taal van het land’ niet altijd de goede keuze is. Een Zwitserse klant, een Catalaanse rechtbank of een Waalse gemeente vraagt elk om een andere aanpak. Zelfs bij een wereldtaal loont het om vooraf te kijken wie de lezer is: een vertaler Engels maakt voor een Ierse, Britse of internationale lezer andere keuzes in spelling en toon.
Dezelfde taal kan per land flink verschillen. Het Portugees van Portugal en dat van Brazilië wijken af in uitspraak, woordkeus en aanspreekvormen, en een Braziliaan hoort meteen wanneer iemand ‘Europees’ klinkt. Zoekt u een tolk Portugees, vermeld dan waar de gesprekspartner vandaan komt, zodat u iemand krijgt die de juiste variant spreekt.
Als vertaalbureau vertalen wij uit en naar vrijwel elke taal van West-Europa, van de grote staatstalen tot het Fries, Bretons en Galicisch. Per opdracht letten wij op de variant, het land en het vakgebied, naast de taal zelf. Voor vertalingen werken wij volgens ISO 17100, de internationale norm voor vertaaldiensten.
Voor gesprekken, zittingen en afspraken kunt u via SIGV Coöperatie een tolk inhuren voor een gesprek in dezelfde talen, op locatie of op afstand. Juist bij kleinere talen zoals het Catalaans of het Baskisch is het verstandig om zo vroeg mogelijk aan te geven wat u nodig heeft, omdat er minder tolken voor die talen zijn.
Groot of klein, officieel of niet: voor de mensen die deze talen spreken, is het de taal waarin ze zich het best uitdrukken. Daar hoort een vertaler of tolk bij die die taal net zo serieus neemt als zij. Staat er bij u een tekst of gesprek in een West-Europese taal op de planning, laat het ons weten.